Fietsen langs de Oosterschelde: vijf routes vanaf Tholen
Wie op Tholen woont of er een dag naartoe gaat, heeft de Oosterschelde altijd binnen handbereik. Het eiland is vlak, de dijken zijn lang en het water verandert per uur van kleur en karakter. Dat maakt fietsen hier aantrekkelijk voor zowel een korte avondrit als een flinke dagtocht.
In dit artikel vind je vijf routes van verschillende lengte, allemaal met de stad Tholen als startpunt. De afstanden zijn bij benadering en je kunt ze eenvoudig aanpassen met de fietsknooppunten die je overal in Zeeland tegenkomt.
Kort rondje: vestingstad en Oesterdam
Heb je maar een uur, begin dan in de oude vestingstad zelf. Fiets langs de wallen en de haven en rijd daarna richting de Oesterdam. Vanaf de dijk kijk je uit over het water, de slikken en bij helder weer ver over de Oosterschelde.
Deze route is ongeveer vijftien tot twintig kilometer, afhankelijk van hoe ver je de dam op fietst. Ideaal voor gezinnen of voor wie na het werk nog even wind om de oren wil. Terug in Tholen kun je in het centrum makkelijk iets drinken.
Middellang: via Poortvliet naar Scherpenisse
Voor een tocht van ongeveer dertig kilometer fiets je vanuit Tholen zuidwestwaarts door het polderland naar Poortvliet en verder naar Scherpenisse. Onderweg zie je hoe het eiland is opgebouwd uit ingedijkte polders, met kreken, dijkjes en verspreide boerderijen.
Bij Scherpenisse ben je dicht bij de Oosterscheldedijk. Neem de tijd om even boven op de dijk te staan: bij laagwater zie je wadvogels foerageren op de platen. Een thermosfles en een boterham zijn hier geen overbodige luxe, want horeca ligt niet overal om de hoek.
Langs de zuidkust naar Gorishoek en Stavenisse
Wil je echt het water volgen, kies dan voor de route langs de zuidkant van het eiland. Via Sint-Maartensdijk fiets je naar Gorishoek, een bekende plek aan de Oosterschelde waar je in de zomer kunt pootjebaden of op het strandje kunt uitrusten. Daarna volg je de dijk westwaarts naar Stavenisse, met zijn kleine haven.
Reken op veertig tot vijftig kilometer als je via het binnenland terugfietst. Houd rekening met de wind: op de dijk heb je weinig beschutting, dus fiets bij voorkeur de zwaarste kant als eerste. Voor actuele berichten over evenementen, wegwerkzaamheden en het weer op het eiland kun je kijken op Tholen Krant, zodat je niet onverwacht voor een afgesloten weg staat.
Noordelijke lus via Sint-Annaland en de Krabbenkreek
De noordkant van Tholen is rustiger en voelt soms bijna verlaten aan. Vanuit Tholen fiets je via Oud-Vossemeer naar Sint-Annaland, waar de haven een fijne plek is voor een pauze. Daarna volg je de dijk langs de Krabbenkreek, het water tussen Tholen en Sint-Philipsland.
Deze lus is ongeveer vijfenveertig kilometer. De Krabbenkreek is een goede plek om vogels te kijken, vooral in het voor- en najaar. Een verrekijker in je fietstas maakt deze route een stuk rijker.
De grote ronde en praktische tips
Voor geoefende fietsers is er de volledige ronde om het eiland, eventueel met een uitstapje naar Sint-Philipsland. Je combineert dan de zuidkust, de westpunt en de noordelijke dijken. Afhankelijk van je keuzes zit je al snel op zestig tot tachtig kilometer, dus plan je pauzes in de dorpen vooraf.
Of je nu kort of lang fietst, een paar dingen maken je tocht prettiger:
- Check de windrichting en begin tegen de wind in.
- Neem water en iets te eten mee, want op de dijken is weinig horeca.
- Gebruik de fietsknooppunten om routes in te korten of te verlengen.
- Let op schapen en hekjes op sommige dijktrajecten.
- Kijk naar de getijden als je vogels of slikken wilt zien.
Op weg met de wind in de rug
Tholen laat zich op de fiets van veel kanten zien: als vestingstad, als polderland en vooral als eiland aan de Oosterschelde. Begin met een korte route om het landschap te leren kennen en bouw daarna op naar de grotere rondes. Na een paar tochten weet je precies op welke dijk je het mooiste licht hebt en in welk dorp de koffie je het best smaakt.
